De belofte

De Cursus belooft ons een zorgeloos leven.


 

Zou het niet fantastisch zijn om in de droom een zorgeloos leven te leiden, zonder angsten, frustratie, fysiek en emotioneel lijden? Net als ik voelen de meeste mensen de lasten die ons dagelijks leven moeilijk maken. Wie droomt er in deze woelige tijd niet van om innerlijk en uiterlijk rust te vinden. Is er iemand die daar niet naar verlangt?

 

Een zorgeloos leven is heel belangrijk en we moeten erop durven vertrouwen dat God zal voorzien in alles wat we nodig hebben. Gelukkig hebben we het denksysteem van Een cursus in wonderen als leidraad en Jezus belooft ons een zorgeloos leven, een belofte die vervuld kan worden als we er gewoon op vertrouwen dat Hij voor ons zorgt. 

 

In “De keuze voor God", lezen we:

        Geloof je werkelijk dat jij een stem kunt maken die Gods Stem overstemmen kan? Geloof je werkelijk dat jij een  

        denksysteem kunt uitdenken dat jou van Hem kan afscheiden? Geloof je werkelijk dat jij beter voor je veiligheid en

        vreugde kunt zorgen dan Hij? Je hoeft noch bezorgd noch zorgeloos te zijn; je hoeft je zorgen slechts op Hem te

        werpen, want Hij zorgt voor jou. Jij bent Zijn zorg omdat Hij jou liefheeft. Zijn Stem herinnert je er steeds aan dat jij

        alle hoop kunt hebben vanwege Zijn zorg. Je kunt niet kiezen om Zijn zorg te ontlopen, want dit is niet Zijn Wil, maar

        je kunt wel kiezen om Zijn zorg te accepteren en de oneindige macht van Zijn zorg aan te wenden ten gunste van al

        degenen die Hij daarmee geschapen heeft. (T5.VII.1)

 

Het is dus duidelijk dat een zorgeloos leven ervan zal afhangen of we “geloven” dat God voor ons zal zorgen. Het “geloof“ in Zijn waarheid is de basis voor een veilig en liefdevol leven. Geloven dat deze droom een illusie is — wat ontstaan is door het “geloof” dat we zelf een eigen leven konden creëren — maakte dat het egodenksysteem ons een droomwereld voorspiegelde. Uiteindelijk is er echter niets werkelijks gebeurd zegt Jezus:

 

        Niets werkelijks kan bedreigd worden. 

        Niets onwerkelijks bestaat.

        Hierin ligt de vrede van God (T.In.2:2-4)

 

Als we deze woorden zouden “willen" en “kunnen" geloven, dan is onze verlossing absoluut zeker!

In feite gaat het hier over “geloven in”… ja, waarin geloven we? Geloven in het ego is, net als het geloof in God, “een keuze” en die keuze bepaalt wat wij waarnemen. Eenvoudig niet?

 

De Cursus zegt ons wat we eigenlijk al weten: we leven in een wereld die niet om ons lijkt te geven en die inderdaad vijandig gezind is. We vertellen onszelf graag dat het een goede en prachtige wereld is. Maar als we echt eerlijk zijn, lijkt het er dan niet op dat we regelmatig door de wereld worden aangevallen? Natuurlijk hebben we soms wat geluk en kunnen we grote problemen misschien zelfs lange tijd vermijden. Maar onze successen zijn meestal maar korte onderbrekingen in ons gewone leven. Kort gezegd, wat we onszelf ook willen wijsmaken, de wereld lijkt meestal onverschillig en in het slechtste geval vijandig. 

 

        De wereld die jij ziet is inderdaad genadeloos, instabiel, wreed, onverschillig tegenover jou, snel met wraak en

        meedogenloos in haat. Ze geeft alleen om terug te nemen, en neemt alle dingen weg die jij een tijd gekoesterd hebt.

        Geen blijvende liefde laat zich hier vinden, want die is hier niet. Dit is de wereld van de tijd, waar alle dingen

        eindigen. (WdI.129.2:3-6).

 

Dit citaat zegt dat er een einde komt aan ons lijden. Ons “geloof” in de droomwereld heeft ertoe geleid dat we het vertrouwen in onze Schepper verloren zijn. Het is vrijwel onmogelijk om je zorgeloos en geliefd te voelen in deze droom. Maar wat kunnen we hieraan doen?

 

Geconfronteerd met dit ego-spel, doen we ons best om onszelf te redden en wanneer het spel lang genoeg duurt, heeft onze denkgeest schijnbaar goede redenen om te geloven dat er niet voor ons zal worden gezorgd. Het lijkt erop dat we ons leven heel zorgvuldig moeten plannen, want, werkboekles 135 zegt: "Je gaat te werk vanuit het geloof dat jij jezelf moet beschermen tegen wat er gebeurt omdat dat zeker zal bevatten wat jou bedreigt" (WdI.135.2:1).

 

Dus we proberen ons leven zo goed mogelijk te beheren en veilig te houden. Toch zijn we niet opgewassen tegen deze taak. In feite steken we onze kop in het zand en doen we alsof we het op de een of andere manier wel zullen redden. We weten eigenlijk wel dat de situatie hopeloos is, maar: “Er is geen plan dat jij ten behoeve van jouw veiligheid kunt opstellen dat ooit werken zal. Er is geen vreugde die je hier kunt zoeken, met de hoop die te vinden.” (T31.I.7:7-8).

 

Wie herkent zichzelf niet meteen in het volgende citaat?

 

        Als jij op je eigen kracht vertrouwt, heb je alle reden om ongerust, bezorgd en bang te zijn. Wat kun jij voorspellen of

        beheersen? Wat is er in jou waarop jij rekenen kunt? Wat kan jou het vermogen verschaffen je van alle facetten van

        een probleem bewust te zijn en ze zo op te lossen dat er alleen iets goeds van komen kan? Wat is er in jou dat jou de

        juiste oplossing als zodanig doet herkennen en jou de garantie geeft dat die zal worden bereikt? (WdI.47.1)

 

        Vanuit jezelf kun je niets van dit alles. Geloven dat je dit wel kunt, is je vertrouwen schenken waar vertrouwen

        ongegrond is, en angst, verontrusting, depressiviteit, kwaadheid en verdriet rechtvaardigen. Wie kan zijn vertrouwen

        stellen in zwakheid en zich veilig voelen? (WdI.47.2:1-3)

 

Geen wonder dat we zoveel zorgen hebben! Alleen al het lezen van deze passage is vermoeiend. Het is een oefening in zinloosheid, en hoe eerder we het toegeven, hoe beter. 

 

De belofte van de Cursus.

 

Jezus belooft ons dat we van dit alles bevrijd kunnen worden. Het klinkt inderdaad te mooi om waar te zijn. Niettemin vertelt hij ons ook dat, hoe moeilijk het ook voor ons is om het voor te stellen, dat bevrijding van al onze zorgen toch het uiteindelijke doel van onze tijd hier is.

 

        Kun jij je voorstellen wat het betekent geen bekommernissen, geen zorgen en geen angsten te hebben, maar gewoon

        de hele tijd volkomen kalm en vredig te zijn? Toch is dat het waar de tijd voor dient: om juist dat te leren en verder   

        niets. (T-15.I.1:1-2)

 

Kunnen wij ons dat voorstellen? Zelfs als je er in je denkgeest een vluchtige glimp van kunt opvangen, weet ik zeker dat je je afvraagt hoe zo'n verheven doel daadwerkelijk kan worden bereikt. Hier is dan de goede raad van de Cursus. De waarheid is dat God om ons geeft. We moeten ons realiseren dat onze zoektocht echt hopeloos is. Dat besef kan aanvankelijk deprimerend aanvoelen, maar het geeft ons de mogelijkheid om ons open te stellen voor wel heel goed nieuws: God kan en zal voor ons zorgen, want Hij is alles en de wereld is niets. Maar deze stelling betekent niet dat we gewoon op de bank kunnen gaan liggen en afwachten. De goddelijke zorg die we werkelijk in ons leven ervaren, wordt beperkt door onze weerstand ertegen, omdat God Zich niet aan ons kan opdringen. Bovendien zal Zijn zorg vaak de vorm aannemen van begeleiding om van de bank af te komen en iets te gaan doen. 

 

         God is met mij. Hij is mijn Levensbron, het leven binnenin mij, de lucht die ik adem, het voedsel dat mij in leven   

         houdt, het water dat mij reinigt en vernieuwt. Hij is mijn thuis waarin ik leef en beweeg, de Geest die mijn handelen

         leidt, mij Zijn Gedachten biedt en borg staat voor mijn totale vrijwaring van pijn. Hij omringt mij met goedheid en

         zorg, en bewaart in liefde de Zoon die Hij verlicht en die ook Hem verlicht. (WdII.222.1:1-4)

 

         Hierin ligt mijn aanspraak op al het goede en louter het goede. Ik ben gezegend als Zoon van God. Al het goede is

         van mij, omdat God het mij heeft toebedacht. Ik kan geen verlies, ontbering of pijn lijden, op grond van Wie ik ben.

         Mijn Vader steunt me, beschermt me en leidt me in alles.  Zijn zorg om mij is oneindig en vergezelt me altijd. Ik ben

         voor eeuwig gezegend als Zijn Zoon. (WdI.58.5:2-8)

 

Als we zorgeloos willen zijn, moeten wij onze zorgen aan Hem geven. Maar hoe doen we dat? De weg is eenvoudig, ook al voelt het vaak niet gemakkelijk. Het enige wat we hoeven te doen is onze weerstand tegen God loslaten Die weerstand is ons zinloze zelf-zorg-project dat bedacht is door ons ego. We laten Hem voor ons zorgen. Zijn zorg is de onze, maar we moeten het vragen. Vragen om Zijn hulp is gelijk aan onze eigen ego-ideeën volledig loslaten en toelaten dat Hij voor ons denkt. We moeten niet na-denken over onze problemen want we weten niet wat wij nodig hebben. We moeten bereidwillig onze zorgen aan Hem geven en daar dankbaar voor zijn.

 

Dit gebed uit het Werkboek is voor mij heel belangrijk geweest:

 

         Ik heb niet begrepen wat mij heeft vrijgemaakt, noch wat mijn vrijheid is, noch waar ik moest kijken om haar te

         vinden. Vader, ik heb vergeefs gezocht, tot ik hoorde dat Uw Stem mij de weg wees. Nu wil ik niet langer mijn eigen

         gids zijn. Want ik heb de weg die tot mijn vrijheid leidt noch gemaakt, noch begrepen. Maar ik vertrouw op U. 

         U, die mij mijn vrijheid geschonken hebt als Uw heilige Zoon, zult voor mij niet verloren zijn. Uw Stem leidt me, en

         de weg tot U opent zich eindelijk en wordt duidelijk voor mij. Vader, mijn vrijheid is in U alleen. Vader, het is mijn 

         wil dat ik terugkeer. (WdII.321.1)

 

         God is je veiligheid in elke omstandigheid. Zijn Stem spreekt namens Hem in alle situaties en in elk aspect van alle

         situaties, en zegt je precies wat jou te doen staat om een beroep te doen op Zijn bescherming en Zijn kracht. Er zijn

         geen uitzonderingen, want God kent geen uitzonderingen.  En de Stem die namens Hem spreekt, denkt zoals Hij.

         (WdI.47.3)

 

Wat een vreugdevol vooruitzicht! Alleen al wanneer ik dit lees, slaak ik een enorme zucht van verlichting. Er is een uitweg uit de angst, bezorgdheid, depressie, woede en verdriet. Er is een weg naar dat zorgeloze leven dat ons is beloofd. Halleluja!

 

Hoe kunnen we Gods zorg aanvaarden? Het is een proces dat niet van de ene op de andere dag plaatsvindt. Want het is inderdaad de hele reis van de Cursus, waarin we geleidelijk onze weerstand tegen God loslaten, totdat die volledig weg is en we in Hem ontwaken. De manier waarop we Gods zorg kunnen aanvaarden, is door het pad van de Cursus te bewandelen.

 

Overgave is het sleutelwoord! Niets anders dan volledige overgave aan God. Een andere manier is er niet. We geven alles aan Hem en blijven ver weg van oordelen en stoppen met controle te houden over ons leven. We laten vol vertrouwen elke beslissing over aan Hem en wanneer Hij je dan leidt zul je het weten. Het voelt dan goed wat je doet en er is totaal geen weerstand tegen je beslissing of keuze die je maakt. Alles voelt perfect aan. Je weet dan dat het juist is. Het klopt van A tot Z. Wat anderen daarover denken is niet van belang. We hoeven aan niemand te vragen of onze beslissing of onze keuze juist of onjuist is. De weerspiegeling van de waarheid zal ervaren worden in jouw wereld.

 

De Cursus moedigt ons aan om God en Zijn oneindige zorg voor ons de hele dag in gedachten te houden: 's morgens en' s avonds, elk uur, vaak ook tussendoor, ook wanneer ons ego ons verleidt om te geloven dat we alleen staan in een vijandige wereld.

 

        ‘Ik rust in God’. Deze gedachte zal jou de rust en kalmte, vrede en stilheid, en de veiligheid en het geluk brengen die

        je zoekt. ‘Ik rust in God’. Deze gedachte heeft de kracht de sluimerende waarheid in jou te wekken, wier visie voorbij

        verschijningsvormen ziet naar diezelfde waarheid in alles en iedereen.(WdI.109.2:1-4)

 

Dit is een uitnodiging om de hele dag te rusten in God:

 

        In Hem ken je geen kommer en geen zorgen, geen lasten, geen onrust en geen pijn, geen angst voor de toekomst en

        geen spijt om het verleden. In tijdloosheid rust je, terwijl de tijd voorbijgaat zonder zijn stempel op jou te drukken,

        want jouw rust kan nooit veranderen, op geen enkele manier. Jij rust vandaag. En wanneer jij je ogen sluit, verzink je

        in de stilheid. Laat door deze perioden van rust en verademing je denkgeest worden gerustgesteld dat al zijn

        uitzinnige fantasieën slechts koortsdromen waren die voorbij zijn. Laat hij stil zijn en dankbaar zijn genezing

        aanvaarden. Geen angstige dromen zullen er meer komen, nu jij rust in God (WdI.109.5:1-7).

 

De Cursus vertelt ons hoe opgelucht we zullen zijn als we van onze lasten bevrijd zijn. Als je geleerd hebt hoe je met God kunt beslissen dan worden alle beslissingen net zo gemakkelijk en juist als ademhalen. Het kost geen moeite en je wordt op die manier voorzichtig geleid alsof je wordt gedragen. Alleen jouw eigen ego-wil lijkt de beslissing moeilijk te maken. De Heilige Geest zal niet wachten om al je vragen te beantwoorden. Hij weet alles. We accepteren Zijn zorg door erop te vertrouwen dat Hij een plan voor ons leven heeft. “Je vertrouwen-nú in Hem is de verdediging die een ongestoorde toekomst belooft, zonder een spoor verdriet en met vreugde die gestaag groeit wanneer dit leven een heilig moment wordt, geplaatst binnen de tijd, maar met louter oog voor onsterfelijkheid” (WdI.135.19:1). “Wat zou je niet kunnen aanvaarden, als je maar wist dat alles wat plaatsvindt, alle gebeurtenissen in verleden, heden en toekomst, liefdevol gepland zijn door Degene wiens enig doel jouw welzijn is?” (WdI.135.18:1)

 

         Uw vrede omringt me, Vader. Waar ik ga, vergezelt Uw vrede mij. Zij werpt haar licht op ieder die ik ontmoet.

         Ik breng haar naar hen die diepongelukkig, die eenzaam en die angstig zijn. Ik schenk Uw vrede aan hen die pijn

         lijden, of treuren om een verlies, of denken dat ze van hoop en geluk zijn beroofd. Stuur hen naar mij, mijn Vader.

         Laat mij Uw vrede met me meedragen. Want ik wil Uw Zoon verlossen, zoals dat Uw Wil is, opdat ik mijn Zelf weer

         herkennen zal. (WdII.245.1)

 

Het delen van Gods Stem met anderen (door hun vrede aan te bieden in welke vorm dan ook) stelt ons in staat Gods Liefde voor ons te herkennen. Dit is hoe we erkennen dat de vrede van God met ons is, en dat we veilig zijn. We aanvaarden Zijn zorg door onze speciale functie in Zijn verlossingsplan te aanvaarden. We omarmen Gods zorg door onze dagen te besteden aan het vervullen van ons aandeel in het heilig plan van de Heilige Geest, waarin we anderen en onszelf vergeven door voor hen en onszelf te zorgen terwijl Hij ons leidt. Onze speciale functie is het volledig omarmen van Gods zorg. 

 

Is dit niet het leven waar we allemaal naar verlangen? Een leven waarin we zo diep en volledig in God rusten dat we liefdevol alle geliefde broeders kunnen helpen. Een leven van hoop en geluk! Dit is het leven dat ik wil. En jij?

 

 

                                                                                                                                                       Reine van Dyck