Het heilig ogenblik

Het heilig ogenblik

 

 

Bij het bestuderen van Een Cursus in Wonderen komen we in hoofdstuk 15 van het tekstboek ‘het heilig ogenblik’ tegen. Ik vroeg mij al geruime tijd af wat dit eigenlijk betekende?

Volgens de Cursus verwijst het naar de werkelijke wereld. Het vindt plaats wanneer mijn keuzemakende denkgeest bewust kiest voor samenwerking met de Heilige Geest of Jezus. Door mijn bereidwilligheid om hiervoor te kiezen, ervaar ik zorgeloosheid.

Ik voel me in liefde en vrede verbonden met al mijn broeders en ik herinner me mijn onsterfelijkheid die ik met hen deel. Het wonder is de ‘omslag’ van de projectie van zonde, schuld en angst vanuit mijn ego naar de uitbreiding van vergeving door de Heilige Geest. Dit is het moment waar de Cursus naar verwijst als het ‘heilig ogenblik’.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Ik hoef er niet op te wachten, ik kan op elk moment in het heilig ogenblik vertoeven. Tijd is veranderlijk en dient als leermiddel, maar het heilig ogenblik is onveranderlijk omdat in God geen veranderingen mogelijk zijn. Het is herkenbaar als een ervaring van intense vrede en tijdloosheid. Het voelt als een koesterend deken van geborgenheid. Er zijn geen verlangens meer, alleen maar voorkeuren en je voelt je één met alles. Er is geen behoefte om te oordelen ook al wordt dit gevraagd. In het heilig ogenblik zijn er geen onzuivere gedachten en geloof je niet meer in het ego en hou je je er niet meer aan vast. Je bent bereidwillig en staat open om de Heilige Geest in je denkgeest te ontvangen. Hier ervaar je de verbondenheid met Christus. Deze ervaring is zo heerlijk. Je ziet nog steeds een wereld buiten je en wordt nog steeds uitgedaagd om aan te vallen of te oordelen, maar je hebt daar helemaal geen behoefte meer toe. Je ziet Christus in iedereen.

 

De Heilige Geest maakt ons klaar om gastheer te zijn voor God in plaats van gijzelaar van het ego. Het heilige ogenblik onderwijst liefde en heeft als doel alle oordelen los te laten die gebaseerd zijn op onze ervaringen uit het verleden. We hebben in het ego geleerd om onze behoeften te bepalen en ze op onze eigen manier te bevredigen. We geloofden dat speciale relaties, speciale liefde en het geloof in afscheiding ons zouden verlossen. Maar verlossing kan je alleen vinden in de verzoening met Christus. Door onze schuldgevoelens boezemen al onze speciale relaties ons angst in en wanneer angst in liefde is binnengedrongen kan je er niet meer in vertrouwen. Maar onder het onderricht van de Heilige Geest worden al onze relaties een les in liefde. De afscheiding geeft het gevoel speciaal te zijn, maar de Heilige Geest weet dat niemand speciaal is. Alleen Hij kan onze angst wegnemen als wij dat toelaten. Wij kunnen elke relatie aan Hem geven in het vertrouwen dat ze niet zullen uitmonden in pijn en verdriet, omdat ze in het heilig ogenblik gezegend zijn en geen beperkingen inhouden.

 

De Heilige Geest vraagt ons ook om bereidwillig te zijn om onze kleinheid los te laten en te herinneren hoe groots wij zijn als Goddelijke schepping. We moeten ernaar verlangen want zolang wij onze kleinheid blijven koesteren is het heilig ogenblik ver weg. Jezus zegt ons heel duidelijk: Ik sta in het heilig ogenblik, zo duidelijk als jij dat mij toestaat. En de mate waarin jij mij leert aanvaarden, vormt de tijdmaat waarin het heilig ogenblik het jouwe zal zijn. Ik roep jou op het heilig ogenblik terstond tot het jouwe te maken, want de bevrijding van kleinheid in de denkgeest van Gods gastheer berust op bereidwilligheid, niet op tijd. (T15.IV.5)

 

Wij zijn nederig tegenover God, maar groot in Hem en wij geven geen enkel ego-plan méér waarde dan dat van God.

 

Onze droom is een nietig dwaas idee. Het betekent niets maar het heeft geen zin om hem te ontkennen en ervan weg te vluchten door te zeggen: ik geef het op omdat het leven te moeilijk is of mijn lichaam te pijnlijk, dit biedt geen oplossing. Het is juist het omgekeerde. Wij hebben pijn en zorgen omdàt we meer betekenis hebben gegeven aan ons lichaam dan wat het in werkelijkheid is - het symbool van het ego. Wij hebben gekozen om buiten ons vele lichamen te projecteren, inclusief dat van onszelf, om angst en schuld in te verbergen.

 

Wanneer het lichaam zijn aantrekkingskracht op ons heeft verloren, zijn alle communicatiestoornissen opgeheven en zijn onze gedachten vrij, net zoals die van God. Wij gebruiken ons lichaam alleen voor communicatie met de Heilige Geest en niet langer voor afscheiding en aanval. Zo leren we dat we geen lichaam meer nodig hebben want in het heilige ogenblik ervaren we alleen de aantrekkingskracht van God. Wanneer angst en schuldgevoel volledig vergeven zijn komen we automatisch in het heilig ogenblik. We weten dan dat alles betekenisloos is en daardoor zijn we bereid de droom - zowel de leuke droom als de nachtmerrie - over te dragen aan de Heilige Geest. Het heilig ogenblik is geen plaats maar een ervaring. We verzoenen ons samen met Christus in de eenheid en de Liefde van God.

 

Het proces voltooid zich stap voor stap en kan soms maar een ogenblik of een paar minuten duren. Maar stilaan worden de perioden langer telkens we onszelf vergeven voor elke vergissing en het gevoel van afscheiding, angst en schuld. Vergeving oefenen door onze denkgeest te trainen is de sleutel om alle angsten en schuldgevoelens en het idee van afscheiding los te laten. Ons lichaam is geen belemmering meer. Wij offeren niets op omdat het in werkelijkheid nooit heeft bestaan. In de droom was het een noodzakelijk middel ter communicatie. In het heilig ogenblik is aan de voorwaarde voor liefde voldaan en zijn we samen met alle denkgeesten verbonden. Wanneer we zover zijn zal God de laatste stap zetten en ons opnemen in Zijn Onvoorwaardelijk Liefde en Vrede.

 

R. Van Dyck